EMIEL ZENO
TEXT
ABOUT
WORK
EERLIJKE KLEEDKAMER Rotterdam stadion. Zondagmiddag, voetbalmiddag. Na afloop van de verloren wedstrijd gaat een jongen van veertien zelfstandig plassen. Op een door onafgedekte hekken omheind stukje parkeerveld. Het toneel ingericht met met een stuk of twaalf plaspalen, gevuld met een stuk of zeventig semi-tactisch in rijen op gestelde bedrukte en/of beschonken spelers. Het is nu zaak om een om met de juiste hoeveelheid, nonchalance, controle, bluf en daadkracht een plekje te bemachtigen. Iedereen probeert het te verhullen , maar de jongen is niet stom, iedereen is zich bewust van deze mannelijke meeting en heeft zo zijn eigen tactiek. Sommigen zijn zo dik en geurig dat ze er vrij weerloos naar toe lopen, anderen flitsen als bepetten vossen vanuit de ene rij naar de andere en een enkeling negeert al luid lullend met zijn maat buiten het hek, alle vormen van organisatie. De jongen heeft het al eerder mee gemaakt; op zijn beurt kan hij lang wachten. BLAASONTSTEKING Wegwerkzaamheden zonder reflecterende hesjes. Biddende pelgrims schuilen op hun knieƫn onder hun lichtblauwe poncho's. Voor de persconferentie na de wedstrijd verruilt de voetbalcoach snel even zijn pak voor zijn trainingsjack. VIRM-IV 13:25 Glijdend kantoorpand, ze hebben ze per dubbele etage van elkaar afgehaald, aan elkaar gekoppeld en geel geverfd. GEPENSIONEERDE OUTFIELDER Een gepensioneerde legendarische zware outfielder, die door zijn imponeerde indruk afdwingt dat de jonge slagman onbewust richting slaat. Hij neemt de bal niet door middel van een handeling maar hij vangt hem simpelweg op wanneer deze op hem afkomt. De jonge slagman is uit, hij is aangesloten bij de sport